Kalender

<< dec 2018 >>
mdwdvzz
26 27 28 29 30 1 2
3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16
17 18 19 20 21 22 23
24 25 26 27 28 29 30
31 1 2 3 4 5 6

Berichten archief

Categorieën

Duikteam Thamen

Ruimte voor uw advertentie!

Thamen Fotogalerij

marsa-alam-2008-005-1024x768-800x600 img_4967-800x600 OLYMPUS DIGITAL CAMERA Chocomelk / rum bak img_3843_frogfish OLYMPUS Harry OLYMPUS E-pl5 Edwin OLYMPUS Harry OLYMPUS Harry Olympus Bert OLYMPUS Walter OLYMPUS E-pl5 Edwin img_1868 Olympus Harry OLYMPUS E-pl5 Edwin 8-daar-gaan-we OLYMPUS E-pl6 Edwin OLYMPUS E-pl6 Edwin

Duikcursus

Duikteam Thamen is al vanaf 1975 actief met een fascinerende bezigheid: Sportduiken. Om overal ter wereld het sportduiken te kunnen beoefenen is een duikbrevet noodzakelijk. Globaal ziet een basisopleiding bij Duikteam Thamen er als volgt uit: aanvang opleiding met theorielessen plus zwembadsessies. Afhankelijk van de vorderingen volgen mogelijk nog enkele zwembadlessen en dan gaan we het buitenwater in (indien de cursist kan beschikken over een goed duikpak). Vervolgens maken we acht duiken ergens in de buurt (Vinkeveense Plassen, Haarlemmermeersebos en/of Toolenburgerplas). Voor de zwembadlessen maakt Duikteam Thamen gebruik van zwembad De Waterlelie aan de Dreef 7 te Aalsmeer.

Onze vaste avond is de donderdagavond. Wij trainen in het binnenbad vanaf de eerste donderdag in september tot en met de laatste donderdag van juni, de tijden: 21.30 – 22.30 uur. Loop eens binnen voor een nadere kennismaking met Duikteam Thamen in het algemeen en de duiksport in het bijzonder. In de maanden juli en augustus is het buitenwater zo lekker dat we dan op de donderdag avond een duik maken. Wij zijn in die maanden daarom niet in het zwembad.

De duikopleiding

De opleiding vindt plaats in verenigingsverband en wordt verzorgd door instructeurs in het bezit van een geldige licentie.
Hierdoor blijven de kosten in eerste instantie beperkt tot de standaard contributie van EUR 18,50 per maand. Tijdens de opleiding komen hier alleen nog de kosten bij voor het opleidingsboek en logboek, een medische keuring en voor de koffie en/of thee tijdens de theorielessen. Dus kosten voor gebruik van het zwembad en duikmaterialen zoals persluchtfles, ademautomaat en stabilizing jacket (vest) zijn inbegrepen.
De uitrustingsstukken zijn in het begin nog bescheiden: een snorkel, duikbril, zwemvinnen en een loodgordel (denk aan EUR 100,- tot EUR 200,-) zijn voldoende om met de eerste lessen te kunnen beginnen. Wat later zullen er ook wat andere uitrustingsstukken noodzakelijk zijn. Persluchtflessen, ademautomaat en trimvest (de wat duurdere zaken) zijn tijdens de basiscursus via de vereniging beschikbaar. Voor het buitenwater moeten de cursisten wel zelf een neopreen duikpak huren of kopen om de buitenduiken te kunnen maken.

Na het afronden van de 1* opleiding zijn de bovengenoemde spullen niet meer beschikbaar! Op dat moment heb je voldoende inzicht om te bepalen of je wel of niet in Nederland blijft duiken en welke uitrustingsstukken uiteindelijk gekocht kunnen worden. Als je inderdaad actief in Nederland gaat duiken, is het zaak om de noodzakelijke uitrusting aan te schaffen. Ben je op zoek naar uitrustingsstukken maar wil je niet meteen de hoofdprijs betalen kijk dan ook eens op marktplaats – watersport – duiken

Na het behalen van het basisbrevet (1*/Open water) mag je samen met een buddy van minimaal hetzelfde niveau duiken. Daarbij geldt dat het gelijke of lichtere omstandigheden betreft dan waarvoor je bent opgeleid, dat de diepte maximaal 20 meter is en dat er altijd binnen de nultijden wordt gedoken. In andere situaties moet er altijd met een instructeur worden gedoken.Onze nationale NOB-brevetten zijn ook internationaal erkend. De NOB is aangesloten bij de wereldfederatie van duikbonden, de CMAS (Confederation Mondiale des Activites Subaquatigues). Na het behalen van het 1* brevet kan je verder gaan met een volgend brevet of een specialisatie volgen. Omdat je lid bent van Duikteam Thamen en wij geen commerciele school zijn, zullen de kosten van de vervolg opleidingen erg meevallen. Meer dan het lesboek plus brevetkaart, het lidmaatschap en wat tijd kost het niet.

Voor toelating voor de opleiding 1* Duiker/Open Water Diver gelden de volgende voorwaarden:

  • lid te zijn van de NOB of cursist te zijn bij een NOB-erkende duikschool;
  • de leeftijd van 14 jaar hebben bereikt;
  • beschikking over een verklaring van medische geschiktheid voor beoefening van de duiksport;
  • indien minderjarig, een verklaring van geen bezwaar overleggen van ouders of voogd;
  • de basiszwemvaardigheid (stukje schoolslag/borstcrawl) te beheersen.

1* Duiken is niet moeilijk!

Als 1*-duiker word je opgeleid om zelfstandig met minimaal een gelijk gebrevetteerde duiken te kunnen maken tot een diepte van 20 meter. Je doet dat onder gelijke of lichtere omstandigheden dan waarin je bent opgeleid en je blijft te allen tijde binnen de nultijden. Je duikt niet in getijdenwater en maakt nog geen nachtduiken. Een medische keuring van geschiktheid voor de duiksport is verplicht.

Voordat je het 1*-duikbrevet kunt aanvragen, moet je de voor het brevet benodigde oefenduiken hebben gemaakt. De duiken die je maakt in het kader van je opleiding tellen hiervoor mee.
De 1*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat je als 1*-duiker in de opleiding hebt geleerd.
Je kunt je verder in de duiksport verdiepen door het volgen van de 2*-duikopleiding of door het volgen van specialisaties

2* Er gaat een wereld voor je open!

In de 2*-duikopleiding doe je ervaring op met het plannen en veilig uitvoeren van duiken onder diverse omstandigheden. Er wordt bovendien aandacht besteed aan de meest voorkomende duikgerelateerde aandoeningen: hoe herken je ze en hoe moet je erop reageren? Als 2*-duiker duik je binnen de nultijden.
Voordat je je 2*-duikbrevet kunt aanvragen, moet je in totaal minimaal 20 duiken hebben gemaakt. De duiken uit je vorige opleiding tellen hierbij mee, evenals de duiken die je maakt in het kader van de opleiding.
Om deel te kunnen nemen aan de opleiding tot 2*-duiker moet je:
– lid zijn van de NOB;
– minimaal 15 jaar zijn;
– beschikken over een geldige medische goedkeuring voor het beoefenen van de duiksport;
– beschikken over het 1*-duikbrevet of een gelijkwaardig ander brevet.

De 2*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Advanced Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat je in je opleiding hebt geleerd.
Als 2*-duiker kun je verdergaan met de 3*-duikopleiding. Je kunt er ook voor kiezen om je te verdiepen in. specialisaties

3* Je duikt nu alweer een tijdje en je merkt dat het je steeds meer gaat boeien.
De 3*-duikopleiding is een leergang van verdieping: in deze opleiding worden de puntjes op de i gezet en de achtergronden van wat je tot nu toe als vaste gegevens hebt aangenomen verduidelijkt. Je wordt opgeleid als begeleidend duiker. Ook leer je hoe je duikers in opleiding kan begeleiden door duiktechnieken met hen te oefenen. Ook de 3*-duiker duikt binnen de nultijden. Voordat het 3*-duikbrevet kan worden aangevraagd, moet je in totaal minimaal 60 duiken hebben gemaakt. De duiken uit je vorige opleidingen tellen hierbij mee, evenals de duiken die je maakt in het kader van je opleiding.
Om deel te kunnen nemen aan de opleiding tot 3*-duiker moet je:
– lid zijn van de NOB;
– minimaal 18 jaar zijn;
– beschikken over een geldige medische goedkeuring voor het beoefenen van de duiksport;
– beschikken over het 2*-duikbrevet of een gelijkwaardig ander brevet.

De 3*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Dive Master. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat de NOB-3*-duiker in zijn opleiding heeft geleerd.
Als 3*-duiker sta je voor de keuze of je je verder gaat specialiseren in het duiken of dat je kiest voor de instructiekant: de opleiding tot 1*-instructeur. Je kunt het natuurlijk ook allebei doen.
De 3*-duiker kan kiezen uit alle specialisaties, inclusief Decompressieduiken en Nitrox Gevorderd.

De 3*-duiker en decompressieduiken
Als 3*-duiker leer je veel over decompressie. Zo weet je straks precies hoe het zit met de effecten van herhalingsduiken, jojo duiken, te weinig water drinken enzovoort. Met die wetenschap kun je je eigen duikveiligheid nog verder vergroten. Mocht je dan eens onverwacht in deco raken, dan heb je voldoende kennis en vaardigheden om weer veilig boven te komen. Wil je als 3*-duiker echt geplande decoduiken gaan maken, dan bereidt de specialisatie Decompressieduiken je daarop voor. In deze specialisatie ga je die decoduiken namelijk ook echt maken; en er wordt geoefend met het gebruik van de decoboei en met het maken van luchtberekeningen. En dat laatste is bepaald geen overbodige luxe: elk jaar weer blijkt uit de ongevallenregistratie dat het goed kunnen maken van luchtberekeningen van essentieel belang is. Veel duikongevallen -met name decompressieongevallen- zijn het gevolg van een tekort aan lucht! Want je kunt natuurlijk wel mooi uitrekenen waar en hoe lang je je stops moet maken, als je geen lucht meer hebt, zul je toch naar boven moeten.

Dive Master;
Een 3*-duiker als begeleider
Het begeleiden van duikers: wat mag een 3*-duiker?
Als 3*-duiker mag je duikers begeleiden, zoals gebrevetteerde duikers tijdens een clubduik. Ook mag je oefenen met duikers die in opleiding zijn voor hun volgende brevet. Hier zetten we op een rijtje wat qua begeleiding van duikers als 3*-duiker mag.

Een duiker in opleiding begeleiden
Als je als 3*-duiker een gebrevetteerde duiker in opleiding begeleidt, gelden de volgende regels:

– je leert geen nieuwe vaardigheden aan, dat is voorbehouden aan instructeurs
– je oefent vaardigheden in het buitenwater die de 2*-duiker in opleiding al eens met zijn instructeur heeft gedaan
– je voert de oefeningen altijd uit in overleg met de instructeur / hoofdtrainer
– je mag geen vaardigheden in het buitenwater oefenen met duikers die in opleiding zijn voor het 1*-duikbrevet: duikers die nog niet over een brevet beschikken, moeten in het buitenwater altijd worden begeleid door een 2*-instructeur. Er is een uitzondering op deze regel: de 3*-duiker mag een 1*-duiker-in-opleiding in buitenwater begeleiden tijdens een funduik; dus alleen onder water rondzwemmen voor het plezier en het opdoen van ervaring. Dit geldt vanaf de tweede buitenwaterduik, omdat de eerste buitenwaterduik een nieuwe ervaring is voor de cursist.

De eisen met betrekking tot het brevet en begeleiding hangen dus af van het soort buitenwaterduik. We onderscheiden drie soorten:
1. de opleidingsduik: hierin wordt een nieuwe vaardigheid aangeleerd. Dit gebeurt altijd door de 2*-instructeur.
2. de georganiseerde (club)duik: hieraan nemen alleen duikers mee die beschikken over de vereiste brevet(ten) en ervaring. De 3*-duiker heeft hier de rol van coordinator.
3. de begeleide duik: tijdens een begeleide duik kan een 3*-duiker een duiker in opleiding begeleiden die nog niet over het juiste brevet beschikt, maar al wel over tenminste eenmaal ervaring (met zijn 2*-instructeur). De 3*-duiker is hier begeleider en leidend duiker.
De 3*-duiker staat in een opleidingssituatie altijd onder verantwoordelijkheid van een 2*-instructeur. Deze is op de locatie aanwezig. Een 3*-duiker die een begeleide duik maakt met een 2*-duiker in opleiding (bijvoorbeeld een tweede nachtduik nadat de eerste nachtduik met een 2*-instructeur gedaan is) staat ook onder verantwoordelijkheid van een 2*-instructeur. In dit geval hoeft de instructeur niet op de locatie aanwezig te zijn.

De 4*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Master Scuba Diver. Dit is een internationaal bekende benaming. Voor het 4*-duikbrevet is geen aparte opleiding. Het is een verzameling van specialisaties en duikervaring. Dit brevet kun je aanvragen zodra er 250 duiken geregistreerd staan. Hiervoor kun je de brevetverklaring “250 gelogde duiken” downloaden. Deze moet je laten aftekenen door een 2* instructeur of Instructeur-trainer. Verder moet je minimaal een 3*- NOB duikbrevet (of gelijkwaardig) hebben en zes NOB-specialisaties hebben gevolgd. Deze moeten tevens alle zijn geregistreerd bij de NOB.